Wat leren we de ‘dokters van morgen’? 

Schakelen tussen medische kennis en contact maken

Niekie en Kim geven aan dat studenten niets liever willen dan goed voorbereid aan hun coschappen beginnen. ‘Dat is ook heel begrijpelijk. Ze moeten leren om tussen twee denksporen te schakelen: het medisch-inhoudelijke, waarvoor ze kennis en vaardigheden nodig hebben, én het effectief contact maken, waarvoor ze goede vragen moeten stellen en moeten kunnen luisteren.

Het één kan niet zonder het ander en als ze zich onzeker voelen over hun medische kennis, wordt goed luisteren ook lastiger.’ Niekie en Kim geven aan dat het luisteren ook meer is dan “horen wat er gezegd wordt”. ‘Een groot deel van het werk als arts is “verbindingswerk”: begrijp ik de patiënt, begrijpt de patiënt mij? En dan zie je dat digitaal werken soms zo mooi lijkt, maar dat dat stuk niet overgenomen kan worden door een computer. Want achter die letterlijke vraag: “ik heb hier een blauwe plek, wat kan het zijn, dokter?” schuilt een verhaal en een onderliggende behoefte. Een leeftijdsgenoot van de patiënt is bijvoorbeeld net gediagnosticeerd met kanker, “kan het zijn dat ik dat ook heb?”. En dat soort – vaak impliciete – vragen exploreren, daar heb je dat menselijk contact voor nodig.’

Kim geeft aan dat jongeren soms ongezond bezig zijn, door wat ze online tegenkomen. ‘Een puber met een geïrriteerd rood en schilferend gezicht, omdat ze zich vol smeerde met in make – up tutorials aangeprezen crèmes en mij een zoveelste crème vroeg om de roodheid tegen te gaan. Het bespreken van haar onzekerheid is dan eigenlijk waar het om draait. Of een vrouw die steeds dikker werd, terwijl ze juist zoveel gezonde notenrepen at, die ze online kreeg aanbevolen. Dit soort consulten vragen om een scala aan gesprekstechnieken zoals exploreren, reflecteren en motiveren tot gedragsverandering.’

Misschien vraagt de toekomst, naast meer en andere stageplekken, ook wel om een heel andere manier van opleiden en stagelopen, waarbij masterstudenten al eerder een richting of profiel binnen het artsenvak kiezen en niet meer een “standaardpakket”.

Liever meer en andere stages  

‘We willen onze studenten kennis laten maken met de gehele breedte van het artsenvak. Hierbij lopen we tegen de grenzen van onze stageplekken aan. We zijn heel trots op het lange coschap huisartsgeneeskunde dat we al onze studenten nu aanbieden. Ze doen ook allemaal ervaring op in de Sociale geneeskunde, maar het zou meer mogen zijn. Een tekort aan mogelijkheden (en routine) om studenten te begeleiden speelt op extramurale plekken regelmatig een rol.   

Ook in het ziekenhuis zijn er uitdagingen qua opleiden. Ziekenhuiszorg, zeker in de context van het academische ziekenhuis, is veranderend. ‘Het wordt meer en meer een pitstop. Er wordt – vaak door verschillende disciplines – diagnostiek gedaan, mogelijk behandeling gestart, maar zodra de patiënt enigszins op de been is, verschuift de zorg naar buiten de muren van het ziekenhuis. De setting om de patiënt heen is dan aan zet. De mogelijkheden voor studenten om in het ziekenhuis tijd bij een patiënt door te brengen en deze gedurende langere tijd te vervolgen, zijn daarmee beperkt. Terwijl je daar juist zoveel van leert.’ Daarnaast verplaatst veel zorg zich naar bijvoorbeeld zelfstandige behandelcentra, die heel efficiënt werken. Denk aan een huidkliniek waarin veel verdachte plekjes worden weggesneden, of een orthopedisch centrum waar vooral heupen worden vervangen. Zij behandelen veelvoorkomende klachten, en zien grote aantallen patiënten; in principe is dat ideaal om veel van te leren. Maar in het beleid van veel van deze centra past (nog) niet het bijdragen aan de opleiding tot basisarts. Dit vraagt om visie en afspraken en dit kunnen wij, als masteropleiding, niet op eigen houtje.’   

Misschien vraagt de toekomst, naast meer en andere stageplekken, ook wel om een heel andere manier van opleiden en stagelopen, waarbij masterstudenten al eerder een richting of profiel binnen het artsenvak kiezen en niet meer een “standaardpakket”. Hoe en waar wil je je gaan inzetten voor de gezondheid van mensen? Wat voor soort dokter wil je worden? Dat wordt dan de vraag, waar je al eerder in je opleiding over gaat nadenken.’